Gezien de verwachte ontwikkelingen in de Rotterdamse haven en die van het Progamma Hoogfrequent Spoor (PHS) vraagt dat om snel handelen in Overijssel betreffende goederenvervoer over water. Dit betekent dat er geijverd moet worden voor het doortrekken van het Twente kanaal naar het Mittellandkanaal.
In het kader van dit samen met de Burgemeester van Bad Bentheim door mij heropgestarte oude initiatief kunnen we constateren dat we vooruitgang boeken. We zijn al een paar jaar bezig, sinds november 2009 om precies te zijn, om zoals de Duitsers dat noemen “den Lückenschluss” zowel landelijk als Europees onder de aandacht te brengen en in concrete plannen om te laten zetten. De laatste twee weken hebben we weer een paar succesjes op dat pad gezien. Bij het laatste bezoek aan Brussel veertien dagen geleden zijn we er van overtuigd geraakt dat in Brussel de parlementariërs, om enkele te noemen Gesine Meißner FDP, Matthias Groote SPD en Marcus Pieper CDU partij- en fractie overstijgend onze initiatieven ondersteunen.
Uiterst belangrijk werd het in Brussel gevonden dat de initiatieven vanuit de regio zelf kwamen en uiteraard was het grensoverschrijdende hierin van groot belang. De kansen om in het zogenaamde TEN-T programma opgenomen te worden stegen verder omdat er al voorwerk verricht was zodat de mogelijkheid om tot uitvoering te komen voor 2030 mogelijk is. Uitvoering voor 2030 is weer een voorwaarde om in het met 50 miljard gevulde programma te worden opgenomen.
Het project maakt ook door de kosten, in 2004 op 650 miljoen Euro geschat, een goede kans in tegenstelling tot, zoals aangegeven werd, de miljarden zware andere projecten. Het feit dat in deze Duits-Nederlandse grens regio vroeger al private voorfinanciering van verkeersinfrastructuur had plaats gevonden was in Brussel bekend en werd uitermate positief beoordeeld. In het gesprek dat mevrouw Meißner een dag later met zowel het ministerie van verkeer van de Bondsrepubliek en het ministerie van Economische zaken van Niedersachsen had zou ze deze kwestie aan de orde stellen.
Om een eigen indruk te krijgen komen enkele Europarlementariërs eind maart naar deze regio om zich ter plekke op de hoogte te stellen en om gesprekken met geïnteresseerde ondernemers te voeren.
Kortom nu de Landsregeringen nog, het bedje in Brussel is gespreid. Ten slotte wil ik er op wijzen dat door het weghalen van een deel van het goederentransport naar het water er een verbeterde situatie zal ontstaan voor het passagiersvervoer.